Kerrie stoofvlees

Kennen jullie dat, een rotdag op werk. Nou ik had vandaag zo’n dag. Het zat allemaal niet mee en ik was ook niet één van de vrolijkste. Dus om deze dag goed af te sluiten dacht ik; “Ik zet een lekker receptje online”. Zo gezegd, zo gedaan. Zeker nu Swen voetbal kijkt (and don’t blame me) maar ik vind dat dus ontzettend saai. Dus een mooi moment om even voor mijn blog te gaan zitten. Laatst maakte ik weer een keer stoofvlees. Deze keer de variant met kerrie. Ik vind eigenlijk alles met kerrie lekker, dus vandaar dit probeersel. Ondanks dat ik niet wist hoe het ging uitpakken verwachtte ik er stiekem veel van. Puur gebaseerd op de geur, het rook zo lekker dat het eigenlijk ook zo moest smaken. Dit gerechtje is lekker bij nasi, bami maar ook bij “kale” rijst met een lekkere salade. Combineer het met waar jij op dat moment zin in hebt. Sidenote is dat een foto van stoofvlees er meestal niet zo appetijtelijk uitziet, zo ook nu niet. Maar hé, we weten dat het om stoofvlees gaat en met die gedachte in je achterhoofd ziet het er heerlijk uit.

Ingrediënten

  • 600 gram rib- of sukadelap
  • 3 eetlepels kokosrasp
  • sap van een halve citroen
  • 1 theelepel kerriepoeder
  • 0,5 theelepel nootmuskaat
  • 1 theelepel laos
  • 1 theelepel gemberpoeder (djahé)
  • 1 theelepel kurkuma (koenjit)
  • 1 theelepel gemalen koriander (ketoembar)
  • 1 theelepel gemalen komijn (djinten)
  • 1 theelepel citroengras (sereh)
  • 1 theelepel vloeibare gula djawa
  • 3 tenen knoflook
  • 2 kleine uitjes
  • 2 salam blaadjes
  • 1 kruidnagel

Bereiding

Je kan de bereiding eigenlijk zo moeilijk maken als je zelf wilt. Je kan alles in een vijzel fijnmalen zodat je een boemboe krijgt. Dit is de manier hoe ze het veel in Azië en met name Indonesië doen. Maar laten we eerlijk zijn, daar is gewoon niet altijd tijd voor. Dus ik koos voor de makkelijke weg. Ik sneed het vlees in blokjes, snipperde de ui en perste de knoflook. Dit heb ik allemaal in de slowcooker gemikt met een klein beetje vocht en mooi voor 10 uur laten pruttelen op low. Wil je het in de pan op het fornuis doen, gaat het eigenlijk precies hetzelfde, gebruik daarbij alleen iets meer vocht, omdat het in een pan sneller aanbakt. Voordeel van de pan op het fornuis is, dat het sneller klaar is. Voordeel van de slowcooker is dat je er niet meer naar om hoeft te kijken. Hoe je het ook doet, het wordt gegarandeerd een lekker gerechtje.

*3 tot 4 personen

Leuk, ga jij mij volgen?

Gehaktballetjes in zoetzure saus

Gehaktballetjes, ze zijn er in allerlei soorten, maten, kleuren en smaken. Je kunt er eeuwig mee variëren. En ik denk dat juist dat het maken van gehaktballetjes zo leuk maakt. Laatst op een verjaardag waren er als hapje gehaktballetjes in zoetzure saus, weliswaar de kant en klare versie. Maar de kant en klare versie smaakte verrassend smakelijk, dus ik dacht hoe lekker moeten ze zelfgemaakt wel niet zijn. Ik ben aan de slag gegaan met in mijn achterhoofd de gedachte dat de basis voor zoetzuur eigenlijk altijd iets met tomaat en suiker is. Ik ben gaan experimenteren en kwam op een saus die ik eigenlijk wel erg lekker vond. De balletjes heb ik ook nog iets gekruid om zo tot een lekker geheel te komen. Door Swen en mijn ouders zijn de balletjes in ieder geval goedgekeurd. Voor de eerst volgende keer dat we een feestje hebben ga ik deze gehaktballetjes maken, ik weet bijna zeker dat, dat een succes wordt.

Ingrediënten

Zoetzure saus

  • 1,5 eetlepel tomatenpuree
  • 1 eetlepel gembersiroop
  • 3 theelepels bruine suiker
  • 2 tenen knoflook
  • halve theelepel zout
  • theelepel citroensap
  • 80 milliliter water
  • 1 eetlepel tomatenketchup

Gehaktballetjes

  • 500 gram gehakt
  • 1 ei
  • 1,5 theelepel ketjap
  • 1,5 theelepel 5 kruidenpoeder
  • halve theelepel zout

Bereiding

Ik begin altijd eerst met de saus. Doe alle ingrediënten voor de saus in een pannetje en verwarm dit goed, het mag best even 5 minuten pruttelen. Meng daarna het gehakt met alle ingrediënten en maak er kleine balletjes van, ongeveer 1 cm in doorsnee. Bak de balletjes rondom bruin en laat daarna op zacht vuur bakken tot de balletjes gaar zijn. Gooi de saus erbij en roer alles goed door. Deze hoeveelheid is goed voor een klein gezelschap. Heb jij meerdere gasten verdubbel het recept dan.

Leuk, ga jij mij volgen?

Beef Wellington

Beef Wellington is een luxe gerecht, wij aten het wel eens tijdens kerst bij mijn moeder thuis. Omdat Swen erg van rundvlees houdt en we de laatste tijd best wat stoofvlees hadden gegeten wilde ik eens wat anders maken. Ik kwam uit om Beef Wellington. Normaliter maak je dit met biefstuk, maar toen ik bij de slager kwam zag ik een heel mooi stuk rosbief liggen. Dus ik heb gekozen voor Rosbief. Rosbief komt qua bereiding net wat nauwer. De kerntemperatuur moet ongeveer 52 graden zijn, dit is makkelijk te meten met een vleesthermometer, de andere optie is op gevoel.

Ingrediënten

  • 600 gram rosbief aan 1 stuk
  • 1 sjalot
  • 3 tenen knoflook
  • 250 gram champignons
  • rol vers bladerdeeg
  • mager ontbijtspek of bacon
  • mosterd

Bereiding

Bak de rosbief in bakboter aan alle kanten bruin, giet vervolgens een beker water in de pan, draai het vuur laag en laat 20 minuten sudderen met de deksel erop. Hak ondertussen de champignons en het sjalotje heel fijn en pers de knoflook uit. Bak de champignons, sjalot en knoflook in een pan tot het helemaal droog is. Zet dit in een bakje apart en laat afkoelen. Als het vlees 20 minuten heeft gesudderd leg je het 15 minuten apart. Als het vlees rust dan wordt het malser. Er komt veel vleesvocht uit, gooi dit niet weg maar maak er bijvoorbeeld een lekker jus van. Ik heb trouwens het vlees niet gekruid, omdat er straks uit het spek zout komt. Rol de plak bladerdeeg uit en leg dit voor je neer, verdeel daar eerst het champignon mengsel over, verdeel dan 8 plakjes mager ontbijtspek of bacon over de champignons. Smeer het vlees in met een laagje mosterd en leg dit bovenop de champignons en spek. vouw/rol het bladerdeeg mooi over het stuk vlees en bestrijk de bladerdeeg met een geklutst eitje. Bak op 230 graden in ongeveer 20 minuten mooi bruin. Houdt het goed in de gaten, per oven verschilt het, de ene heeft wat langer nodig, de ander wat minder.

Serveer in plakken met een lekkere salade.

*4 personen

Leuk, ga jij mij volgen?

Limburgs zoervleis

Ik vind het heerlijk om allerlei soorten stoofvlees uit te proberen. Al een aantal keer zag ik ergens Limburgs zoervleis voorbij komen. Omdat het niet zo “lekker” klinkt heb ik het eigenlijk nooit echt geprobeerd. Laatst had ik een mooi stuk riblap en bedacht ik mij toch eens Limburgs zoervleis te proberen. De smaak was verrassend lekker, wel was de structuur wat wennen, het is namelijk een stroperige dikke en wat zoetige saus. Swen vond het ook lekker, dus ik ga het zeker vaker maken. Omdat het een gerecht is wat vrij lang moest stoven is het vlees met de saus heel donker geworden, tot bijna zwart. Gelukkig is dat hoe het hoort, dus schrik niet als je het gaat maken.

Ingrediënten

  • 600 gram stoofvlees
  • 400 milliliter blanke of natuurazijn
  • 300 milliliter water
  • 3 grote uien
  • 4 eetlepels appel-kaneel stroop
  • 2 plakjes ontbijtkoek
  • 3 blaadjes laurier
  • 2 kruidnagels
  • 100 gram bruine suiker

Bereiding

Snijdt het stoofvlees in stukken en snipper het uitje. Doe het stoofvlees met ui in de pan met wat bakboter en bak tot het vlees bruin is. Doe daarna het water en azijn erbij en roer goed door. Doe de stroop, ontbijtkoek, laurier, kruidnagel en bruine suiker erbij en roer weer goed door. Laat minstens 6 uur zachtjes stoven. Let goed op dat het vlees niet droog komt te staan, voeg dan wat water toe. Wanneer het vlees uit elkaar valt is het gaar.

Dit gerecht is ook heel makkelijk in de slowcooker te maken. Gooi dan gewoon alles in de slowcooker, maar halveer de hoeveelheid water. Zet de slowcooker dan 8 uur of langer op low.

Leuk, ga jij mij volgen?

Stoofvlees met Indische kruiden

Houden jullie ook zoveel van Indisch eten? Ik was er altijd al gek op, maar sinds Swen en ik in Indonesië zijn geweest houden we nog meer van de Indonesische keuken. Eigenlijk houd ik van de hele Aziatische keuken, we zijn dan ook regelmatig in Azië te vinden. Anyway, dit is niet echt een typisch Indisch gerecht. Het is stoofvlees en daarbij heb ik gewoon wat kruiden in de pan gemikt. Maar toch smaakt het verdomde lekker. Dit recept is gebaseerd op een recept wat mijn oma vroeger altijd maakte, deze heb ik wat opgepimpt én voilà daar hebben we een”fake” Indisch gerecht. Mijn volgende stoofvleesgerecht zal een authentiek Indisch recept zijn, namelijk RENDANG!!!!! Ik kan jullie alvast verklappen dat deze versie van de rendang erg lekker is.

Ingrediënten

  • 600 gram stoofvlees (welk vlees je voorkeur heeft)
  • 2 uien
  • 2,5 theelepel knoflookpoeder
  • 3,5 theelepel laos
  • 3,5 theelepel djahé (gemberpoeder)
  • 1,5 theelepel sambal oelek
  • 3 eetlepels zoete ketjap
  • gemalen kokos naar smaak
  • 500 milliliter water

Bereiding

Snijdt het rundvlees in grove blokken en snipper de uien. Bak het vlees in wat bakboter bruin in de pan. Zet dit even apart en bak in het vocht van het vlees de uien glazig, voeg dan de sambal, djahé, laos en knoflookpoeder toe en bak dit even mee. Voeg het vlees toe en roer alles goed door. Giet het water erbij en laat minimaal 6 uur sudderen op laag vuur. Roer af en toe door en houdt het vlees goed in de gaten, als het te droog wordt en het begint aan te bakken voeg dan nog wat water toe. Voeg vlak voor het serveren de ketjap en gemalen kokos toe, roer goed door en verwarm nog even. Lekker met rijst of met patatjes.

Dit recept is heel makkelijk te maken in de slowcooker. Voeg alles toe (behalve de ketjap en gemalen kokos). Zet minstens 8 uur op low en voeg het laatste half uurtje de ketjap en kokos toe en laat nog 30 minuten pruttelen.

Laten jullie het weten wat jullie van dit recept vinden?

*2 tot 3 personen

Leuk, ga jij mij volgen?

Chinese koolschotel met gehakt en tomaat

De afgelopen 2 dagen heb ik even niks gepost op mijn blog, ik was gister namelijk jarig. Ik vier het eigenlijk zaterdag pas, maar gister een heel gezellige dag gehad. De ovenschotel die ik vandaag voor jullie ga plaatsen hebben wij gister gegeten. Het is één van mijn favoriete ovenschotels op het moment. Je proeft allerlei smaken, maar toch gaan en weinig tot geen kruiden in. De ovenschotel is snel in elkaar gezet, de meeste tijd ben je kwijt aan het bakken. Maar dat is allemaal echt de moeite waard. Wel belangrijk is dat je een ovenschaal met deksel gebruikt of een römertopf, anders droogt het gerecht uit in de oven.

Ingrediënten

  • Chinese kool
  • 350 gram gehakt
  • 4 tomaten
  • 3 plakjes kaas
  • 125 milliliter water
  • 140 gram tomatenpuree
  • bouillonblokje (rund)
  • 1 ei
  • 45 gram paneermeel
  • 1 ui
  • snufje zout

Bereiding

Haal 5 bladeren in zijn geheel van de kool af en blancheer deze is warm water, laat ze vervolgens goed uitlekken in een vergiet. Snijd de rest van de kool in de lengte doormidden en snijdt van elke helft mooie reepjes. Snipper de ui en snijdt de tomaten in grove plakken. Meng het gehakt met het gesnipperde uitje, snufje zout, de paneermeel en het ei en kneed tot een mooie bonk. Maak van het gehaktmengsel een rechthoek/plak ter grote van de ovenschaal en leg deze apart. Leg 2 van de uitgelekte bladeren op de bodem van de ovenschotel, zodat de hele bodem bedekt is. Leg daarboven op de helft van de reepjes kool, gevolgd door de plak van het gehakt. Bedek het gehakt met de 3 plakken kaas en daarboven op de plakken tomaat. Verdeel over de tomaat de rest van de in reepjes gesneden kool en dek af met de overgebleven 3 bladeren. Let op dat alles bedekt is met de bladeren. Kook ondertussen 125 milliliter water en doe hier de tomatenpuree en het bouillonblokje door. Klop tot je een mooie gladde substantie hebt. giet dit over de ovenschotel en verdeel met een spatel mooi over de bladeren. Doe de deksel erop en bak 80 minuten af op 200 graden. De ovenschotel komt vrij nat uit de oven, dat is helemaal hoe het hoort. Ik vind het altijd lekker om na het opscheppen wat van het vocht op het bord te scheppen.

Laten jullie het weten als jullie het recept hebben geprobeerd?

*3 tot 4 personen

Leuk, ga jij mij volgen?

Lasagne met spinazie en kastanjechampignons

Kennen jullie iemand die lasagne niet lekker vindt? Ik niet, kan het me ook niet voorstellen dat iemand geen lasagne lust, ik vind het heerlijk. Ik maak de lasagne altijd helemaal “from scratch” het kost wel even wat tijd, maar GELOOF ME dat ga je zeker terug proeven. Ik kook zelf heel weinig uit pakjes en zakjes, ik heb er verder niks op tegen, maar zelfgemaakt smaakt vaak zoveel beter. Helaas wordt een lasagne al snel geassocieerd met onverantwoord eten, maar stiekem zit er vaak best veel groente in verborgen. Oké de witte saus en crème fraîche maken het niet een heel gezond recept, maar zo’n volle ovenschaal is voor 4 personen. Dus deel alles door 4 en het valt wel weer mee. Zeker met een (komkommer)salade en je hebt een lekkere maaltijd.

Ingrediënten

  • 350 gram gehakt
  • 250 gram kastanjechampignons
  • 100 gram babyspinazie
  • 2 uien
  • 12 lasagne bladen
  • blikje tomatenblokjes
  • 200 milliliter crème fraîche
  • 200 gram geraspte kaas
  • 1,5 theelepel knoflookpoeder
  • 1 theelepel gerookte paprikapoeder
  • 1 theelepel gedroogde basilicum
  • 1 theelepel oregano
  • 1/2 theelepel gedroogde tijm
  • 1/2 theelepel gedroogde peterselie
  • halve theelepel zout
  • 25 gram ongezouten roomboter
  • 30 gram bloem
  • 325 milliliter melk
  • mespunt nootmuskaat

Bereiding

Snijdt de champignons in plakjes en de uien in halve ringen. Bak het gehakt rul in wat bakboter, als het begint te garen gooi de champignons en uien er dan bij, bak dit totdat de uien glazig zijn en voeg dan handje voor handje de spinazie toe en bak mee tot de spinazie is geslonken. Gooi dan de tomatenblokjes en crème fraîche erbij, roer dat goed door. Doe vervolgens de knoflookpoeder, paprikapoeder, basilicum, oregano, tijm, peterselie en zout in de pan, roer ook dit weer goed door elkaar. Laat sudderen totdat de saus wat ingedikt is. Zet de rode saus apart. We gaan weer een roux maken, deze keer gebruiken we meer vocht (melk) want de witte saus moet mooi uitvloeien. Smelt de boter in een pannetje en doe de bloem erbij, bak de bloem al roerend mee. Als het begint te bubbelen is de bloem klaar. Doe de melk erbij en blijf goed roeren. Als je merkt dat het begint te binden haal dan gelijk van het vuur en meng er 100 gram geraspte kaas doorheen. Nu gaan we de lasagne opbouwen. Begin met een klein beetje van de rode saus en bedek hier de bodem van de ovenschaal mee. Dit ter voorkoming dat de lasagne bladen uitdrogen en niet gaar worden. Leg bovenop het laagje saus 4 lasagne bladen daarboven op de helft van de overgebleven rode saus, weer 4 lasagne bladen, daarboven op de witte saus en weer 4 lasagne bladen. Tot slot het restant van de rode saus, smeer dit goed uit over alle lasagne bladen en strooi er nog een laagje geraspte kaas overheen. Bak 35 minuten op 200 graden.

Ik gebruikte een vrij grote ovenschaal, heb jij een kleinere ovenschaal kijk dan even hoeveel lasagne bladen je moet gebruiken om telkens een laag te bedekken.

Laten jullie mij weten wat jullie van de lasagne vinden?

*4 personen

Leuk, ga jij mij volgen?

Biefreepjes met Aziatische saus

Lastig, lastig. Komt het jullie bekend voor? Je hebt een recept zelf bedacht of een bestaand recept zodanig aangepast dat het je eigen recept is en nu moet er een naam komen. Dat vind ik zo lastig, ik heb voor nu; Biefreepjes met Aziatische saus bedacht, maar is dat wel een pakkende naam? Ik vond bieflap met saus ook weer zo lomp klinken. Anyway, dit recept wilde ik eigenlijk eerst met biefstuk maken, maar toen bedacht ik dat zo’n mooi stuk vlees als biefstuk een eigen podium verdient. Daarmee bedoel ik, niet bedolven onder de saus, maar mooi op een bord met wat jus of kruidenboter en desnoods gebakken uitjes en champignons. Met die gedachte heb ik geen biefstuk maar een mooi stuk bieflap gekocht. Én geloof me, het is bijna net zo mals als biefstuk en het past heel goed in dit gerecht. De reden dat ik de saus Aziatisch heb genoemd is omdat er sojasaus en gember in zit, misschien wat simpel, maar af en toe mag simpel wel. Mochten jullie dit gerecht maken en denken jullie, ik heb een veel beter naam, stuur mij dan een berichtje wellicht kan ik de naam aanpassen.

Ingrediënten

  • 500/600 gram bieflap
  • bakje champignons
  • 1 grote ui
  • bosje lente ui
  • eetlepel bruine suiker
  • 3 tenen knoflook
  • halve theelepel gemberpasta
  • 50 milliliter zoute ketjap
  • 40 milliliter water
  • 2 eetlepels bloem
  • theelepel sesamzaadjes (optioneel)
  • 200 gram rijst (optioneel)

Bereiding

snijdt de bieflap in mooie reepjes, de champignons in plakjes, snipper de ui fijn en knip de lente ui fijn. Je zal wel denken KNIPPEN, haha ja ik gebruik in de keuken veel de schaar, ik doe hem wel na het koken in de vaatwasser. Maar probeer het maar eens, het is echt makkelijk. Als alles is gesneden en geknipt gaan we verder. Doe in een pannetje de zoute ketjap, water, bruine suiker, knoflook, gemberpasta en de lente ui, houdt wat van de lente ui apart voor de garnering. Pak de bieflapreepjes er weer bij en dep deze droog met keukenrol, doe de reepjes in een zak (die je kunt afsluiten) en doe er 2 eetlepels bloem bij, schudt het geheel goed door elkaar zodat alle reepjes bedekt zijn met bloem. De bloem gebruiken we zodat de saus straks beter aan het vlees bindt en de saus wordt er dikker van. Kook ondertussen, indien gewenst de rijst en zet het vuur onder het pannetje met saus op zijn zachtst en vergeet niet af en toe te roeren. Bak het vlees bruin in wat boter, voeg halverwege de champignons en uien toe en bak dit gaar (zorg ervoor dat het vlees niet doorbakken is). Voeg dan de saus toe aan het vlees en laat nog even sudderen, als de saus nog dun is kun je deze binden met een beetje bloem of maizena. Serveer met rijst en garneer met lente ui en wat sesamzaadjes. Eet smakelijk.

Laten jullie het weten als jullie het recept hebben geprobeerd?

*Genoeg voor 3 tot 4 personen

Leuk, ga jij mij volgen?